Brief aan mijn therapeuten

Beste therapeut,

Grenzen respecteren

coffee-2306471_1920

Als je jouw en mijn grenzen respecteert, ook als ik ze zelf niet kan voelen, voel ik me steeds een stukje veiliger. Als je me wel over een grens trekt, wordt het blanco in mijn hoofd. Ik dissocieer, ook als je dat misschien niet door hebt. Ik heb het nodig dat je voorzichtig bent, let op wat er binnenin me gebeurt en leert herkennen wanneer ik er niet meer bij ben. Zodat veiligheid voor onveiligheid in de plaats kan komen.

Fouten toegeven

Als je je fouten erkent, geeft me dat het gevoel dat die van mij er ook mogen zijn. Fouten maken vind ik moeilijk. Ik denk dat ik iedereen teleurstel en er alleen mag zijn als ik alles goed doe. Ik heb het nodig dat je je kwetsbaar durft op te stellen. Zodat ik kan zien dat fouten maken mag.

Om hulp vragen

Als je om hulp vraagt als je het even niet zo goed meer weet, laat mij dat zien dat ik ook hulp nodig mag hebben. Ik los mijn problemen liever alleen op, zonder hulp. Het voelt zwak dat ik het niet in mijn eentje aankan. Ik heb het nodig dat je me laat zien dat het normaal is hulp te zoeken als je het ergens moeilijk mee hebt. Zodat ik ook om hulp leer durven vragen.

Begrijpen

Als je me begrijpt en dat laat merken, voel ik me gehoord. Soms snap ik niet hoe ik zelf in elkaar zit, waarom ik op dingen reageer zoals ik doe. Een deel van mij richt zich nog steeds op overleven. Ik heb het nodig dat je me naar luistert, je inleeft in mijn gedachten en mijn overlevingsmechanismen ziet. Zodat ik kan voelen dat er leven na overleven komt.

Wie ik ben

Als je wilt weten wie ik los van mijn problemen ben, geeft me dat het gevoel dat ik meer waard ben dan wat er met me aan de hand is. Soms voelt het alsof dat wat er met me is gebeurd belangrijker is dan wie ik daarnaast ben. Ik heb het nodig dat je vraagt naar wie er achter de pijn zit en dat je ook blijft luisteren als ik geen antwoord weet. Zodat ik kan merken dat er meer is dan alleen ellende.

Vertrouwen

Als je vertrouwen in me hebt, geeft dat me hoop dat het ooit nog goed kan komen. Ik voel me soms wanhopig en dan ben ik bang dat het nooit meer goed komt. Ik heb het nodig dat ik leer vertrouwen op mezelf. Het helpt me als je dat even van me over wilt nemen totdat ik het zelf heb geleerd.

Als je wereld vergaat

leaf-4109062_1920

Allesverslindend

Je zou denken dat je wereld vergaat als je seksueel wordt misbruikt. Dat niets meer hetzelfde is en dat de grond onder je voeten wordt weggeslagen. Je zou denken dat angst alles is wat er nog overblijft. Dat blijdschap niet meer bestaat als het wordt meegezogen in een kolk van verdriet. Je zou denken dat een allesverslindend geheim daadwerkelijk alles zou verslinden.

Alles gaat gewoon door

Ik ben 14 als het misbruik begint, maar niets van dat alles gebeurd. Ik ga nog steeds naar school, heb hobby’s en spreek met vriendinnen af. Mijn dader blijft gewoon mijn zus. Alles ziet er nog precies hetzelfde uit, alsof er nooit iets gebeurd. Er is niets verandert, maar tegelijkertijd is alles anders. Ik ga door terwijl ik langzaam word overspoeld door leugens en illusies.

Ik leef niet meer

Mijn leven ziet er nog precies hetzelfde uit, maar ik leef het niet meer. Fysiek ben ik aanwezig, mentaal gaat alles langs me heen. Ik leef in een waas waarvan ik zelf niet weet dat hij bestaat. Binnenin me woekert een geheim dat langzaam alles opslokt. Er is geen ruimte om te voelen wat het met me doet. Het verdwijnt naar de achtergrond en het is alsof er nooit iets is gebeurd. Ondertussen stapelen trauma’s zich op en zijn grenzen verdwenen.

Tijd

Je zou denken dat tijd uiteindelijk alle wonden heelt. Dat wanhoop langzaam plaats maakt voor hoop en alle afdrukken van het verleden verdwijnen. Je zou denken dat angst zijn intensiteit verliest en verdriet steeds minder van zich laat horen. Dat gebeurtenissen als herinneringen uit een fotoboek worden die je alweer bent vergeten als je de bladzijde omslaat. Je zou denken dat alles weer normaal wordt.

Aandacht

Ik zou willen zeggen dat het klopt en dat tijd alles heelt wat ooit kapot was, zonder dat je daar iets voor hoeft te doen. Maar het is niet het wondermiddel dat het lijkt. De tijd verergert wonden die nooit zijn schoongemaakt en ontsmet. Ze gaan ontsteken en etteren. Hoe harder je ze negeert, hoe pijnlijker ze worden. Tijd wordt pas effectief als je het combineert met aandacht. Aandacht voor wat er is en voor wat er was.

Tussen de lijntjes

Triggerwaarschuwing

Deze blog gaat over zelfbeschadiging. Als je hier gevoelig voor bent en je je op dit moment niet goed voelt, stel het lezen dan liever nog even uit.

Littekens

Smalle witte lijntjes, horizontaal naast elkaar. Subtiel, maar voor mij duidelijk zichtbaar. Ik weet dat ze er zitten en hoe ze daar komen, maar ik wil het niet zien. Het liefst verstop ik mijn armen onder lange mouwen, zodat ik het bestaan van de littekens kan ontkennen. De schaar heeft nooit over mijn arm gekrast en het bloed heeft nooit gestroomd. Er is niets aan de hand.

Korte mouwen

Maar dan wordt het warm buiten. Zo warm dat lange mouwen geen optie meer zijn. Vertwijfeld sta ik voor mijn kast. Mijn blik gaat van een trui naar een t-shirt en weer terug. Van verstopt en veel te warm naar kwetsbaar en vrij. Ik kies uiteindelijk voor de korte mouwen en alhoewel ik weet dat de littekens nauwelijks zichtbaar zijn ben ik toch bang dat iemand het ziet.

Wonden

De littekens staren me de hele dag aan, confronterend. Want tussen de lijntjes verschuilt zich de pijn. Ik beschadig mezelf nu ruim een jaar niet meer, maar de wonden zitten nog binnenin me. Als ik de littekens zie borrelt de onzichtbare pijn omhoog. Voor even weer zichtbaar, maar alleen voor mij. Wonden die meer verzorging nodig hebben dan de zichtbare wonden ooit hadden.

Vervagen

Aan het einde van de dag verstop in mijn armen weer veilig onder lange mouwen, maar niet voordat ik met mijn hand de lijntjes even zacht heb aangeraakt. Dezelfde hand die ze heeft veroorzaakt. De littekens mogen er zijn, want ze zijn er al. De pijn zal vervagen, de lijntjes misschien uiteindelijk ook. Anders worden ze een subtiele herinnering aan het gevecht dat ik heb gevoerd om te staan waar ik dan sta.

Het meisje dat er ook nog was

Haar voeten raken het gras en ze voelt de sprietjes tussen haar tenen. Subtiel, maar aanwezig. Voorzichtig zet ze haar ene voet voor haar andere en langzaam komt ze in beweging. Met lege stappen ontwijkt ze de madeliefjes die tussen de grassprieten door steken. Haar voetsporen zijn nauwelijks te zien, verborgen voor wie de ogen niet sluit. Ze loopt altijd alsof ze er eigenlijk niet is. Als niemand haar ziet is ze veilig. Alleen dan brengt haar pijn haar niet in gevaar.

Haar leven verdwijnt langzaam in een wereld die niet bestaat. Het gras is geen gras, de madeliefjes geen bloemen. In plaats daarvan snijden scherpe stenen in haar voeten. Ze zijn heet, maar ze voelt het niet. Haar lege stappen laten de stenen niet knarsen, maar lijken juist al het geluid te dempen. Verborgen in het zicht vervolgt ze haar weg. Niets verraadt dat ze ergens is.

Het regent, maar de druppels lijken haar te ontwijken. De kille wind fluistert haar woorden in. Ze luistert naar hoe die nooit gesproken woorden zinnen vormen die ze niet heeft willen horen. In de woordenstroom zoekt ze naar iemand die haar hoort. Ze buigt haar hoofd en wacht, maar ze is al vergeten voordat ze bestond.

Ze gaat op in wat er nooit is geweest. Waar eerst haar voetsporen niet te zien waren, groeit het gras nu hoger dan eromheen. Verbaasd kijkt ze naar haar handen, waar ooit vingers zaten is nu niets meer te zien. Haar ogen veranderen in vliegjes in een zwerm, haar haren in takken in de wind. Het meisje dat er ook nog was, maar nooit meer werd gevonden.

grass-3375344_1920

Dissociatie

I’m walking on a wire
I close my eyes and fly out of my mind
Into the fire
– uit Sunny came home van Shawn Colvin

Vallen

Angst dringt zich aan me op. Ik probeer me te focussen op wat de psychiater tegenover me zegt, maar haar woorden komen nauwelijks bij me binnen. Ik word duizelig en het voelt alsof ik val, eindeloos val. Het wordt steeds moeilijker om me te blijven concentreren en de psychiater vervaagd steeds meer. Haar gezicht verdwijnt in een wazige poel en mijn lichaam vliegt erachteraan.

Tissues

Wanhopig zoeken mijn ogen de kamer af naar een beetje houvast. En die vinden ze: de tissue box. Hij voelt onrealistisch en ver weg, maar ik kan hem scherp zien. De rest van de sessie klampt mijn blik zich aan de tissues vast, terwijl de woorden uit mijn mond zich bijna automatisch tot antwoorden op vragen vormen. De angst is verdwenen, gezonken in dezelfde poel als de psychiater en mijn lichaam.

Dissociatie

Sinds kort weet ik dat wat er met mij gebeurt dissociatie heet. Ik wist eerder wel dat het bestond, maar de dissociatie die ik in mijn omgeving heb gezien zag er zoveel anders uit dan wat er op zo’n moment met mij gebeurt. Ik heb wel eens met een therapeut gedeeld wat ik ervaarde en dat ik op zo’n moment niet bij mijn emoties kon, maar haar reactie was dat dat niet kon en dat ik hoe dan ook iets moest voelen. Daarna heb ik er jaren over gezwegen, want het kon immers niet.

Overlevingsmechanisme

Ondertussen weet ik dat het een overlevingsmechanisme uit mijn jeugd is, van de momenten waarop ik machteloos was en vluchten uit mijn lichaam de enige optie was. Dat mechanisme is in het heden nog steeds actief. Iets triggert me en mijn bewustzijn checkt uit. Ik ben er nog wel, ik kan nog op dingen reageren, maar het lukt me niet om er bewust bij te blijven. Het is alsof mijn hoofd bij de treinpoortjes uitcheckt, maar ik mijn lichaam heb achtergelaten in de trein. Ik weet niet wanneer het zich weer bij mijn hoofd voegt en ik ben de controle kwijt.

Nu

Nu weet ik wat er aan de hand is valt het me pas op hoe vaak het gebeurt. De ene keer heftiger dan de andere keer. Soms kort, soms langer. Maar elke keer ingewikkeld en vanuit heftige emoties. Nu ik het weet kan ik er ook mee aan de slag, leren hoe ik ermee om kan gaan. Zodat ik in de toekomst in het nu kan blijven en ik niet meer machteloos het vuur van controleverlies in wordt gezogen.

Jij, mijn lichaam

Jij

Ik schrijf dit in de tweede persoon, omdat je al een tijdje niet meer van mij voelt. Als ik naar je kijk, heb ik het gevoel dat mijn blik op het lichaam van een ander rust. Ik zie mijn voet bewegen, maar het is alsof ik naar een lichaamsdeel kijk dat niet van mij is. Je bent vaak koud en dat merk ik wel op, maar het is niet mijn kou. En wanneer ik iets aanraak lijkt het meestal niet goed binnen te komen. Vaag in de verte, in plaats van dichtbij mij.

Onderdeel van mij

Ik weet dat je bij me hoort, maar je hebt me in de steek gelaten op het moment dat ik je het hardst nodig had en ik vind het moeilijk om je dat te vergeven. Ik heb afstand van je willen nemen en nooit meer iets met je te maken willen hebben, maar dat gaat niet. Je bent altijd onderdeel van mij en ik heb je nodig, of ik dat nu wil of niet. Ik haat je, maar tegelijkertijd verwacht ik dat je wel lief voor mij bent. Het klopt niet en ik weet het.

Boos

Je mag best weten dat ik heel boos op je ben geweest. Bewust, maar ook onbewust. Ik gaf geen aandacht aan je, in de hoop dat je zou verdwijnen. Maar de boosheid borrelde altijd onder de oppervlakte. Boos om wat je deed en boos om wat je niet deed. Tijdens het misbruik lag je daar maar, versteend. Bevroren. Ik was machteloos, omdat je niet reageerde op mijn aansturing. Je liet me in de steek en je hebt nooit meer van mij gevoeld.

Jouw reactie

Wat me het meeste raakt is de reactie die je hebt gehad op haar handen. Ik weet niet veel meer van die momenten, maar ik weet nog wel hoe het voelde. En hoeveel pijn het doet dat jouw reactie zo tegenovergesteld was van wat er zich in mijn hoofd afspeelde. Ondertussen weet ik dat het een lichamelijk mechanisme is, waar jij en ik geen invloed op hebben. Maar toch, je liet me in de steek en je hebt nooit meer van mij gevoeld.

Gestraft

Ik heb je onbewust gestraft voor wat je hebt gedaan. Eerst met de eetstoornis: ik had controle over jou en niet meer andersom. En later met de zelfbeschadiging: ik deed jou pijn en niet meer andersom. Maar dat loste niets op, want je hebt me in de steek gelaten en je hebt nooit meer van mij gevoeld. Dat blijft. Het straffen vergrootte alleen maar de afstand tussen jou en mij.

Anders

Nu zou ik het graag anders willen en liever voor je zijn. Je hebt niet verdiend hoe ik met je omga, maar toch is het lastig om het te veranderen. Normaal gesproken doe je wat ik zeg, maar op het moment dat ik je echt nodig heb kan ik er niet op vertrouwen dat je nog naar me luistert. Dat maakt me bang, bang om weer machteloos te zijn. Ik hoop dat ik het je ooit kan vergeven en dat ik het vertrouwen terug kan krijgen, zodat je weer van mij gaat voelen.

 

Beschadigd door therapeut

Onbegrip

Ik heb in mijn therapieverleden een aantal vervelende reacties gekregen toen ik vertelde dat ik ben misbruikt door mijn zus. Variërend van ongeloof tot ontkenning. Sommige reacties kan ik achteraf gezien wel begrijpen, maar andere laten zelfs nu nog sporen na. De meeste heb ik ondertussen wel van me af kunnen schrijven of bespreken. Met sommige reacties gaat dat echter makkelijker dat met andere. Er is 1 specifieke therapeut die meer kapot heeft gemaakt dan ze zich waarschijnlijk beseft. Juist over haar vind ik het moeilijk om te schrijven of te praten.

Experimenteren

Vrij in het begin van de therapie bij haar schrijf ik op dat ik ben misbruikt door mijn zus. Als ik haar dat laat lezen vindt zij echter dat ik er niet mee hoef te zitten. Haar toon is geruststellend bedoeld, maar haar woorden maken me in de war. Alhoewel ik haar duidelijk maak dat de dingen met mijn zus tegen mijn zin in zijn gebeurd ziet zij het anders. Ze zegt dat experimenteren normaal is, zij heeft dat vroeger ook met haar nichtjes gedaan en nooit ergens last van gehad. Het hoort er nu eenmaal bij.

Genoten

Haar theorie is dat ik ermee zit omdat ik ervan genoten zou hebben, maar dat niet mag van mezelf. Ik zou op vrouwen vallen en dat niet willen accepteren. Terwijl ik wat betreft mijn geaardheid niet weet hoe het zit en er ook absoluut geen problemen mee heb als ik op vrouwen val. Alleen al de suggestie dat ik ervan genoten heb doet veel. Ik twijfel nog meer aan mezelf. Zelfs nu kan ik nog geen woorden vinden voor de pijn die het doet en de verwarring die het veroorzaakt.

Vorige levens

Daarnaast is ze er ook van overtuigd dat er nog een andere oorzaak voor mijn pijn is: vorige levens. Wat er met mij was gebeurd is niet erg genoeg, dus moet de oorzaak van hoe ik me erdoor voel bij mijn vorige levens liggen. Iets waar ik persoonlijk niet in geloof, maar waar zij van overtuigd is. In een vorige leven moet er iets ergs met me gebeurd zijn en daarom denk ik dat ik last heb van wat mijn zus bij mij heeft gedaan.

Vertrouwen

Ik denk dat ze opgegeven moment wanhopig werd en niet meer wist wat ze met aan moest. Ik vertrouwde haar zoals ik nog nooit iemand had vertrouwd, maar vanaf het moment dat ik dat uitspreek is ze het als excuus gaan gebruiken om dat vertrouwen te schenden. Ze schrijft een brief aan mijn moeder over mij en dingen die ik haar in vertrouwen heb verteld. Ik heb het geluk dat ik de eerste ben die de brief op de mat ziet liggen. Van de dingen die ik erin lees word ik misselijk.

Kapot

Als ik terugkijk op de situatie van toen ben ik veel te lang bij haar in therapie gebleven. Zij had me door moeten verwijzen of ik had zelf naar iets anders moeten gaan zoeken. Dat is niet gebeurd en uiteindelijk heeft alles bij elkaar meer kapot gemaakt dan dat er geheeld had kunnen worden.

Meerderheid

Ondertussen gaat het beter met me en zit ze niet meer zoveel in mijn hoofd als eerst. Helaas komt het af en toe nog wel omhoog, maar ik kan er nu over schrijven en weet dat dingen die ze tegen me heeft gezegd niet kloppen. Voor mij niet kloppen, want ik wil het niet veroordelen als sommige dingen voor een ander wel herkenbaar zijn. Ik heb nu een therapeut die me wel helpt en ik heb hiervoor ook andere therapeuten gehad waar ik me wel begrepen door voelde. Zij zijn in de meerderheid.